zaterdag 24 november 2018
Voorns
Mijn laatste bericht dateert al weer van een paar maanden geleden. Daarom hoogste tijd om hier weer iets te melden. Want gelukkig ben ik geregeld naar de waterkant getrokken. Dat is tenslotte een eerste levensbehoefte. Heerlijk om de rust te vinden in het verwachtingsvol staren naar een roerloos dobbertje dat elk moment al dan niet in beweging kan komen. Een mens heeft maar weinig nodig om gelukkig te zijn, voor mij is het in elk geval genoeg.
Heb gevist met wisselend succes, maar dat is vissen. Desondanks was het elke keer genieten, ook als de vangst tegenviel. Karpers heb ik niet meer gevangen, ondanks enkele pogingen op mijn nieuwe stek bij de windmolen een nieuwe polder. Zie de foto bovenaan. Ook de zeelt liet het in mijn zeeltsloot in de oude polder afweten. Zie foto hieronder.
Dit jaar maar één zeelt gevangen, vorige jaar 12. Kan gebeuren, volgend jaar beter. Wel tijdens de verschillende sessies meerdere mooie voorns gevangen. Prachtige vissen toch ook. Zie foto's. Mijn andere vangsten volgen in de volgende postings.
maandag 13 augustus 2018
Daar bij die molen..
Inmiddels al weer een weekje terug van onze vakantie in Italië.
Toscane om precies te zijn. Wel een eindje rijden, maar dan heb je ook wat.
Prachtige middeleeuwse stadjes en de mooiste landschappen. Zie onderstaande
foto's.
Hengels wel meegenomen, maar die zijn in de auto
gebleven. Ben nauwelijks viswater tegen gekomen. Toscane is niet het mekka voor
de hengelaar heb ik geconstateerd.
Dus twee weken niet gevist, ook de weken daarvoor
nauwelijks. Ving nog wel een karpertje op mijn bekende Flevostek, na meerdere
missers moet ik toegeven, was niet erg scherp. Maar toch nog een mooi visje,
zie foto.
Afgelopen donderdag weer gevist met een vismaat. Nota
bene een dag met veel regen na al die droogte en hitte. De hele middag samen onder
de paraplu gezeten. Gezellig en bovendien vingen we regelmatig een visje,
voorntjes en wat blij en brasem. We vermaakten ons wel ondanks de regen, de plu
was groot genoeg om droog te blijven. Ik viste met de swingtip, een visserij
die ik laatst begonnen ben en me wel bevalt. Handig als je onder een paraplu
zit, zie foto, maar ook spannend en effectief. Gevist met maden en mais.
Rond 19.00 uur nog even verkast naar de karpersloot. Dat
was wel even schrikken. Het waterpeil was enorm gezakt en onder in de sloot zagen
we nog wat karpers zwemmen in het weinige water. We besloten om die maar met
rust te laten en zochten een nieuwe stek. Dat was bij een rij windmolens, een paar kilometers verder.
Inmiddels begon het flink te waaien, vissen zou lastig
worden. Toen we uitstapten hoorden we door de harde wind heen meerdere karpers
springen en tuigden toch nog even onze penhengels op. Na een minuut of 20 was
het raak. Een ranke turbo gaf eerst nog weinig weerstand om daarna goed los te
komen. Wat zijn ze toch sterk, die Flevokarpers, ook deze was niet heel groot, rond de 55 cm schatte ik. Wel een plaatje van een vis, was er blij mee.
donderdag 28 juni 2018
Vangen in het veen
Weekendje weg geweest met mijn vrouw. In een tentje.
Hengels mee natuurlijk. Want wat wil je, midden in het Groene Hart, in een oude
veenpolder. Prachtig viswater in de buurt van de camping. Maar waar beginnen? Het
meeste water zat niet in mijn vispas. Google bood gelukkig uitkomst. Ik vond
een adresje waar ze een dagvergunning verkochten. Dit vergde een diepte-investering
van € 2,50. Je moet wat voor je hobby overhebben. Het water bleek fantastisch.
Een mooie wetering die in verbinding stond met een paar plasjes. Veel
plompenbladen en kraakhelder water. Het water rook naar zeelt en ruisvoorn.
Dieper dan ik dacht, rond de 1,50 meter, met een zachte veenbodem. Mijn
thuispolders hebben een kleibodem, dit was even wennen.
Twee hengels klaargemaakt. Een zachte gele glashengel van
3,30 meter voor de pen, ongeveer 1,25 pond, staat er niet meer op. Een
bijzondere hengel, ooit zelf gekocht bij de firma Vossebreurs in Hilversum, zo
rond 1975. Een klassieker dus. Met een nog redelijk nieuw Shakespeare molentje
met 20/100 nylon. Zelfgemaakt dobbertje en haakje 10. Geen hair deze keer, maar
een maïskorrel met maden en mestpiertjes, een gebakje zou ik zeggen.
De andere hengel was een oude Sudridge glashengel van
eveneens 3.30 meter, iets lichter nog. Een paar jaar geleden gekocht op
marktplaats. Pas later zag ik dat deze hengel een topoog met schroefdraad had
en besloot een paar weken geleden het eens te proberen met een swingtip. Dat
was wel fun, ik ving een paar voorns en brasems. Nu dus weer proberen. Ik
monteerde eveneens Shakespeare molen, deze met 23/100 nylon en een onderlijntje
van 18/100, haakje 8 met een cocktail van mestpiertjes en mais. Geen
voerkorfje, maar een wartelloodje van 10 gram.
Voeren deed ik voor de swingtiphengel ongeveer 20 meter uit de kant, naast wat plompenbladen. Drie of vier ballen grondvoer met mais en maden. Voor de penhengel maakte ik een voerplek meer naar links en minder ver uit de kant. Beide hengels ingooien en wachten maar. Kreeg al gauw op beide hengels beet. Ving op de swingtip een baars en een voorn. Op de penghengel nog niet, wel af en toe een tikje.
Zag na een uurtje ongeveer de swingtip heel mooi oplopen.
Slaan en hangen. Voelde gelijk dat het een grote vis was, die nam ook gauw zo’n
10 meter lijn, de slip stond licht afgesteld. Het viel me op dat de vis niet
opzij zwom, alleen naar achteren en de diepte in, ook zag ik bellenplakkaten.
Ik kreeg een vermoeden en even later werd dat bevestigd. Een paling en geen
kleintje! Even later kon ik de gladjakker scheppen en op de mat leggen. Een
bijzondere vangst, schat zo’n 65 cm lang. Uiteraard de paling weer laten
zwemmen. Die slingerde weer beduusd de donkere diepte in.
Een poosje later een wegloper op de pen. Weer een grote vis, een snelle run links de plompenbladen in. Dit voelde als een zeelt. Helaas was de pret van korte duur, de vis schoot los. De herkansing kwam een half uurtje later. Ook dit moest een zeelt zijn. Maar ook deze kon ik niet tegenhouden en zwom zich vast tussen de plompen. Tijd voor een list. Ik liet de lijn vieren en wachtte totdat de dobber zou gaan bewegen. Dat lukte. De vis kwam los en even later kon ik een mooie licht gekleurde zeelt scheppen. Wat een schoonheid! Daarna nog een half uurtje gevist, maar niets meer gevangen. Uiteindelijk voldaan mijn spulletjes weer ingepakt. Ik kom hier vast nog eens terug.
zondag 20 mei 2018
Kruip door sluip door
Al drie keer had ik niets gevangen. Wel een karper gelost
en één verspeeld door lijnbreuk. Dat laatste mag natuurlijk niet gebeuren. Moet
wel zeggen dat Dafne Schipper in topvorm die karper niet bij had kunnen houden,
zo snel ging de vis ervan door. De slip van mijn oude Sigma 035 kon het niet
bijhouden, net iets te veel wrijving door de 13 ogen op mijn oude glashengel.
Maar goed, wel vis gevoeld. De laatste keer vissen had ik zelfs geen beet
gehad. Ook niet op mijn stekken die eerder succesvol waren. Ook dat is vissen. Wie
niet vist, zal ook niet vangen.
Gisteravond weer een poging gewaagd. Rond half 7 aan de
waterkant. Eerst vijf stekken aangevoerd. Mijn Pateke Morton opgetuigd. Twee
kikkererwten aan de hair gedaan, een grassprietje als stoppertje. Altijd bij
de hand. Gevoerd met grondvoer, hennep en kikkererwten. De kikkererwten weer
geweekt met honing en 20 minuten gekookt. Beetgaar waren ze, lekkere
karpersnoepjes. Ingelegd dichtbij de kant en afwachten maar. Stek na stek. Zat
zo lekker te vissen na een drukke werkweek. Ook al gebeurde er lange tijd
niets, zelfs geen tikjes van de vele ruisvoorntjes daar. Zag ook geen beweging
in het water. Meestal bevis ik een stek 15 tot 20 minuten, zo ook nu weer. Maar
het bleef rustig. Wel zong een zanglijster zijn mooiste lied.
Hoorde na een poosje wel regelmatig verder weg karper
springen. Dat was in het beboste verlengde van de tocht waar ik zat te vissen,
aan de andere kant van een weggetje, verder het bos in. Wel liep er een pad
langs aan de kant met bomen parallel aan de tocht. Ik was daar nog niet eerder
geweest. Toch eens proberen dacht ik. Zo’n 100 meter het pad op zag ik wel
mogelijkheden om tussen de bomen en struiken door bij het water te komen. Kruip
door sluip door vissen, eigenlijk houd ik daar wel van. Het moet niet te
makkelijk zijn om het doel te bereiken. Ik voerde op een paar plekjes tussen de
overhangende takken mijn laatste kikkererwten. Grondvoer en de hennep waren al
op. Inmiddels werd het onder de bomen al schemerig.
De eerste twee stekken
leverden niets op. De derde stek was met de lange hengel lastig bereikbaar. Ik
kroop en sloop heel voorzichtig naar de kant toe. Het lukte net om tussen de
takken door ik te werpen, onderhands worpje. Net naast een boom die in het
water lag. Linke boel, maar je moet wat. Zag wel veel pluis in het water uit de
bomen. Ik kon, mede door de schemer, mijn dobber nauwelijks meer zien. Wel kon ik
mijn lijn die door de pluis bleef drijven in de gaten houden. Ik bedacht dat
bij een aanbeet de lijn wel zou gaan lopen. En zo geschiedde het even later. De
lijn liep naar links weg en deed dat inderdaad niet vanzelf. Ik sloeg aan en hangen!
De karper nam gelijk een run van zo’n 20 tot 30 meter. Gelukkig niet richting
de boom. Soms zit het mee. Het duurde wel even voor ik de karper kon scheppen.
Knokkers zijn het. Deze karper was 57 cm, geen kanjer, maar een mooie vis. Ik
was er blij mee.
Wel leuk eigenlijk dat vissen tussen de bomen, maar niet
makkelijk, je moet wel een beetje behendig zijn. Het zijn wel de plekken waar
de karpers zich schuil houden volgens mij. De volgende keer ga ik nog wat
verder de tocht langs het bos in, volgens mij vist niemand daar. Beetje
proberen, zoeken en ontdekken, daar houd ik wel van.
dinsdag 1 mei 2018
Vangen met kikkererwten
Sinds een paar jaar vis ik met kikkererwten. Het is klassiek
aas las ik ergens. Boilies zijn modern. Dan ben ik dus ouderwets. Vis nooit met
boilies. Heb niet het gevoel iets te missen. Want vanavond was het weer raak.
Aan kikkererwten, twee op de hair. Deze keer gezoete kikkererwten. Gezoet met
honing. Eerder had ik een zak gedroogde kikkererwten gekocht bij de Turk. Niet
om hummus te maken, al ben ik daar gek op. De kikkererwten had ik geweekt in
water met flink wat honing. Daarna kort gekookt, beetgaar waren ze, niet heel
zacht. Smaakten wel lekker, vond ik zelf wel. Nu de karpers nog. Die mochten
vanavond proeven.
Rond 18.00 uur zat ik op mijn stek. Zelfde plek als zaterdag
en een week geleden. Eerst vier stekken aangevoerd, twee aan elke kant van een
weggetje. Geen agressieve muggen deze keer, zoals vorige week toen ik onder de
bulten thuis kwam. Die zitten daar vaak. Nu niet vanwege de kou. Allemachtig,
wat was het koud. Gelukkig lag mijn oude duffelse winterjas nog in de auto.
Snel aangetrokken. Daar zat ik dus op mijn krukje. Lieslaarzen weer aan voor
geval dat. Mijn timer op 25 minuten voor de eerste stek. Die haalde ik niet,
want na een kwartier ving ik al de eerste karper. Die nam al gouw zo’n tien
meter lijn en hield wel even vol. Toch maar 55 cm lang. Ik zei het eerder al,
die slanke Flevokarpers zijn erg sterk.
Vraag me wel eens af of ze lijken op die boerenkarpers in
Noord-Holland. De volgende karper aan de andere kant van het weggetje was
kleiner, nog geen 50 cm. Die ving ik vrij snel na de eerste. Ook aan de
honingerwten.
Toen een poosje niets en al in de schemering ving ik de
derde. Die was 52 cm. Daarna inpakken en naar huis. Toch lekker gevist met die
erwten. Al hadden die karpers een ander aasje, ook een boilie, waarschijnlijk
ook gepakt. Maakt me ook niet uit.
zondag 29 april 2018
Vangen en lossen
Zondagmorgen thuis op de bank terugdenkend aan gisteravond.
De hele zaterdag had ik hard gewerkt aan mijn nieuwe schutting. Diepe gaten
graven, loodzware hardhouten palen plaatsten en schermen monteren van
larikshout. Het resultaat mocht er zijn. Degelijk vakwerk vond ik zelf, laat de
storm maar komen. Die kwam gisteravond gelukkig niet, het was redelijk weer
hier. Visweer vond ik. Daarom rond half zes op pad. Net als vorige week naar de
Flevopolder om Flevokarpers te verschalken. Dat lukte vorige keer immers goed.
Ging daarom naar dezelfde stek. Niemand te zien. Altijd prettig. Er wordt daar
wel gevist, maar niet veel volgens mij. En zeker niet op die moeilijk
toegankelijk stekken die mijn voorkeur genieten.
Het is een tocht door een lommerrijk bos, omringt door bomen
en rietkragen, prachtig gelegen en met kraakhelder water. Ideaal water om te
pennen. Zag er gister nog geen ijsvogels, al zitten die er wel. Ook de bever
komt er soms voorbij, meestal in de schemering. Rond mijn stek zie je wel afgeknaagde
takken en moddersporen waar hij uit het water de kant op klimt. Een paar jaar
terug dook er één op naast mijn dobber en klapte met zijn platte staart hard op
het water. Kortom, een paradijsje in Flevoland dat altijd wel een verrassing in
petto heeft.
Zo ook gisteravond. Het gebeurde op mijn tweede stek die ik eerder
had aangevoerd. Ik weet dat je dan altijd alert moet zijn en soms direct beet
krijgt. Dan overkwam me gister dus ook. De pen kreeg niet eens de kans om te
gaan staan, maar zakte gelijk schuin weg. Slaan en hangen. Dat gaat goed dacht
ik, had op de eerste stek al een karper gevangen van 57 cm. Deze leek groter.
Maakte run na run, mijn Pateke Morton matchhengel krom als een hoepel. Prettig
geluksmoment voor een penvisser. Even later was het genoegen plotsklaps
voorbij. Los! Kan gebeuren natuurlijk, lossen hoort bij het karpervissen en kan
velerlei oorzaken hebben. Deze oorzaak werd me snel duidelijk toen ik mijn haak
met hair bekeek en een schub zag. De karper was vals gehaakt. Die tellen niet.
Niet erg dus dat die los schoot, ook beter voor de vis. Bovendien had ik al een
karper gevangen, zie de beginfoto.
De
stek was natuurlijk wel verstoord geraakt. Verderop bij wat riet, dicht bij het
sleepspoor van de bever had ik ook gevoerd. Daar nog even proberen. Het was
onderaan een talud, tussen de bosjes onder bomen. Kruip door sluip door vissen,
heerlijk vind ik dat, voorzichtig manoeuvreren met mijn 3.65 lange glashengel.
Dobbertje wilde eerst niet gaan staan, haalde een paar takken op die op de
bodem lagen. Stek zal ook wel verstoord zijn dacht ik. Dat viel mee, want even
later stond ik weer met een kromme hengel een karper te drillen. Moest wel door
het riet het water in om te scheppen, had gelukkig mijn lieslaarzen aan. Visje
van 52 cm, zo’n typische torpedovormige Flevokarper, snel en oersterk.
Terwijl
ik nog met een kromme hengel stond, had ik in een ooghoek al een auto zien
stoppen. Ik herkende de man die uitstapte aan z’n jas, had hem op de heenweg op
een andere stek al zien zitten. Een visser. Het bleek een Poolse visser te
zijn. Hij had niets gevangen was nieuwsgierig naar mijn stek. Dat er karper zat
had hij net gezien. Of er ook grote zaten? Nee, dat niet, zei ik eerlijk, de
meeste die je hier vangt zijn rond de 50/60 cm, soms een zeventiger, maar
altijd slanke vissen, geen dikbuiken. Vond dit wel lastig. Iedereen mag van mij
overal vissen, ook op mijn stekken. Die natuurlijk niet van mij zijn, al heb ik
ze soms wel zelf ontdekt. Ook heb ik niets tegen Polen. Mijn oudste zoon had
een Poolse vriendin, een lief meisje. Afgelopen winter waren we zelf een weekje
in Polen, weinig mis met de mensen daar. Helaas hebben Poolse vissers een
bepaalde reputatie opgebouwd. Wat je hoort is dat ze hun rotzooi laten ze
achter en de vissen meenemen. Het omgekeerde lijkt me beter. Of deze man ook
een meenemer was weet ik niet. Hij kwam wel serieus over. Ik probeerde uit te
leggen dat het kwetsbaar water is en de visdruk beter beperkt kan blijven.
Afwachten maar of die boodschap overkwam.
Overigens ving ik mijn karpers met een kikkererwt en een maïskorrel aan een hair. Had vier stekken aangevoerd, ook met hennep. Het werkte weer. Aan de Pateke Morton een oude Sigma 035 met 22/100 nylon, ook dat werkt altijd goed. Gauw maar weer terugkomen!
Overigens ving ik mijn karpers met een kikkererwt en een maïskorrel aan een hair. Had vier stekken aangevoerd, ook met hennep. Het werkte weer. Aan de Pateke Morton een oude Sigma 035 met 22/100 nylon, ook dat werkt altijd goed. Gauw maar weer terugkomen!
zondag 22 april 2018
Eindelijk
Poosje stil
geweest op mijn blog. Miste de inspiratie om te schrijven, had er ook de rust
niet voor. Was nogal druk op het werk en het weer zat ook niet mee. Ook sociaal
gezien waren er andere prioriteiten. Wil het nu weer oppakken. Heb ook wat te
melden, de foto verklapt dat al. Want afgelopen vrijdag was het zover.
Eindelijk na al die maanden weer gevist. Kon niet langer wachten. Had wel mijn
spulletjes goed verzorgd in de winter, ook nieuwe lijn op mijn molentjes gezet.
Was er dus klaar voor.
Rond vijf uur
vrijdag had ik tijd. Altijd lastig om te kiezen, genoeg mogelijkheden hier
binnen een half uurtje rijden, oude en nieuwe polders. Het werd een nieuwe.
Eerst kijken bij een tocht waar ik een paar jaar geleden regelmatig karper
ving. Wel een lange tocht, gelegen in een bos, maar waar zouden ze zitten? Op
de eerste plek aarzelde ik. Het water lag er mooi bij, maar ik zag geen
aanwezigheid van karper. Dat zegt niet zo veel, maar ik reed toch even verder
naar een volgende stek. Dat bleek een goede keuze.
Ik zag
gelijk de aanwezigheid van vis aan het oppervlak, overal kringen en ook deining
in het water. Veel voorn, maar ook zag ik donkere schaduwen voorbij komen. Dat
moest karper zijn! Ik ging in een vuilhoek zitten met zowel afgestorven als ook
opkomend riet. Ik viste daarover heen met mijn 3.60 lange driedelige Pateke
Morton matchhengel. Een heerlijke glashengel met voldoende body. Had direct
beet, dobbertje ging alle kanten op, maar geen wegloper om op te slaan. Had
haakje 10 met op de hair een kikkererwt en een maïskorrel. In het riet voor me
zag ik kolken en bewegende rietstengels, op nog geen meter van me af! Maar
vangen was er niet bij. Dan maar op voorn dacht ik, wilde toch dat mij handen
naar vis zouden ruiken. Had ook mijn oude Shimano Twinpower 1 ponds hengeltje
bij me met met een molentje met 18/100. Monteerde een klein vlokdobbertje, wat
loodjes en een haakje 14.
Legde in net
achter het riet op ongeveer 30 cm, terwijl het daar al ruim een meter diep was.
Viste met een halve maïskorrel en ving al gauw een paar leuke ruisvoorns van
rond de 20 cm. Dus in elk geval vis. Ondertussen kreeg ik een appje binnen van
een vismaat die zich in een naburige late winterhaven klem ving aan 30 plus
voorns en windes. Dat ging mij niet lukken dacht ik. Toen dook het vlokdobberje
weer onder en gelijk een enorme boeggolf naar links, helaas maar kort, haakje
schoot los. Karper! Dus toch! Daarna weer een paar voorns.
Ik verkaste
een tiental meters naar waar ik eerder had gevoerd. Met twee hengels, altijd
riskant. De Pateke Morton op ongeveer zes meter op de bodem. De Twinpower vlak
voor me, een meter uit de kant, met een maiskorreltje ook op de bodem, het was
daar maar 60 cm diep.
Toen
gebeurde het. Kijkend naar de andere dobber en zag ik in een ooghoek de lijn van
de Twinpower strak lopen en de top krom trekken. Direct een enorme run naar de
overkant, de twinpower als een hoepel en een gierende slip. Als dat maar goed
gaat dacht ik. Het ging gelukkig goed, heerlijk om zo’n vis te drillen met zulk
licht materiaal. Op die plek geen bomen in het water, dus ik kon de karper de
ruimte geven. Ook het kleine haakje hield het. Die Flevokarpers zijn echte
torpedo’s en oersterk.
Ging weer
terug naar de vuilhoek. Nog steeds beweging in water daar. Viste nu weer alleen
met de Pateke Morton met kikkererwt en mais. Na zo’n 20 minuten een trage
wegloper en direct een run naar links, het afgestorven riet in. Gelukkig kwam
de vis snel los en kon ik de karper uitdrillen. Deze was slanker, echt zo’n
torpedo, kenmerkend voor karpers uit de Flevopolder. Maar oersterke vissen.
Voldaan ging ik even rustig op mijn krukje zitten. Nu al een verdubbeling van
mijn karpervangst van vorig seizoen.
Inmiddels
liep het tegen half negen en de uitbundig zingende zangvogels genoten met mij
van de mooie zomerse avond. De tocht waar ik zat te vissen liep door aan de
andere kant van een weggetje. Ik had daar bij aankomst al gevoerd. Dus daar nog
even proberen.
Als gauw
liep de dobber schuin weg, maar ik wachtte wat te lang. Zag even later een rietstengel
vlak tegen de kant bewegen en sleepte mijn dobber daarheen. Al gauw een mooie
wegloper en direct weer een run. Voelde gelijk dat deze karper groter was dan
die andere twee, hij bleef maar gaan. Na een minuut of acht kon ik de karper
scheppen. Deze was wel tegen de 70 cm, een bonk spieren. Wat een avond!
Heerlijk toch dat penvissen op Flevokarpers! Kom er gauw weer terug.
Abonneren op:
Posts (Atom)






























